Een jaar in Normandië

(S)emigreren - het beste van twee werelden?

Eigenlijk is het allemaal niet zo moeilijk. We gaan een jaar 'proef' wonen in ons vakantiehuis La Noblet, we komen al dertig jaar in de streek. Maar toch....een beetje spannend is het wel. Dus als je nieuwsgierig bent hoe het Dirk en mij zal vergaan, vanaf de voorbereidingen (nu) tot de daadwerkelijke verhuizing (eind januari) en het jaar daarna, dan kun je ons hier volgen. Wij zetten de stap, loop maar met ons mee!

Alles verandert 

Eigenlijk was vandaag best een schokkende dag. 
Hij begon stralend, de akkers waren berijpt, de voorruit van de auto moest gekrabd worden toen we even voor negenen op weg gingen naar de markt. In La Ferté kocht ik twee pains-au-chocolat die we bij een kop koffie in  de Etoile d'Or zouden nuttigen, net als altijd. De kogelronde waard zou ons de hand schudden en ons van harte welkom heten en uit zijn hoofd weten wat voor koffie we wilden en de bestelling naar zijn vrouw roepen. Deze zou met doelgerichte handelingen de koffie voor ons zetten zodat wij na een kwartiertje verkwikt en gelaafd onze reis konden voortzetten.

Hoe anders was het vandaag. Er stond een jongeman achter de bar en de vrouw, waarvan we onmiddellijk aannamen dat het zijn moeder was, kwam de bestelling opnemen. Licht verontrust keken we elkaar aan. 'Het zijn vast nieuwe eigenaren,' mompelde Dirk. Toen ik wat beter om me heen keek zag ik ook dat de wanden zachtgrijs gesausd waren en de kleurige aquarellen van het dorp en omgeving er niet meer hingen. Nieuwe bezems? Echt ontdaan vroeg Dirk de jongeman rechtstreeks of zij de nieuwe eigenaren waren. Moeder en zoon (?) knikten enthousiast. Jazeker. Wat zou er gebeurd zijn met onze bolle eigenaar? Hoewel de koffie net als altijd heerlijk was en ook evenveel kostte, was het toch een beetje een domper, dit bezoek.We zullen het G. vragen, die woont in het dorp en weet vást wat er gebeurd is, daar in de Étoile.

Op de markt kopen we tegenwoordig vlees bij de specialist van de Halle des Délices, waarbij het in de rij staan bijna een feestje is.  De vleeskunstenaar is behendig met zijn diverse messen, beent uit, verwijdert zeentjes, en ik bestel alleen al parelhoenpoten om hem de resterende veertjes er met zwier af te zien branden met zijn gasbrander. Aan iedere klant besteedt hij evenveel aandacht. Zijn hoge stem en zijn kwinkslagen begrijpen we zelden helemaal maar we lachen er hartelijk om. In zijn eentje bestiert hij de rij die altijd uit zeker tien wachtenden (x 2) bestaat. Maar vandaag gebeurde er iets totaal onverwachts.
De deur van de wagen ging open en er verscheen een tweede in smetteloos wit gestoken vleeshouwer. 'Wat krijgen we nou?' zei D. iets te hard. Hij keek met onverholen verbazing én afkeuring naar de hulp. Ik zag zijn blik en kreeg acuut de slappe lach. 'Zou het z'n zoon zijn?' vroeg Dirk. Dat had misschien nog door de beugel gekund, maar dat leek me qua leeftijd toch niet helemaal kloppen. Het lukte me maar matig om toen ik aan de beurt was zonder weer in gegiechel uit te barsten mijn bestelling op te geven en was me het woord voor parelhoen geheel ontschoten. Toen het Boeuf Bourguignonvees 666 gram woog kregen we een heel verhaal over de prijs die je met zo'n getal kon winnen en er was ook iets met een helicopter en de hele rij lachte dus wij ook. Hierna maakten wij ons uit de voeten.

Deze keer namen we geen gebraden kippetje mee, eerlijk gezegd zien die er lekkerder uit dan ze zijn. 'Die Pierlala is er ook altijd,' zei Dirk. De ijzingwekkend magere Chef met zijn gitzwarte haar stopte inderdaad net een kip in een braadzak ('Extra saus erbij?'). Maar ja. Hoe lang nog?

Volg het blog op https://eenjaarinnormandie.blogspot.com

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *